Foto: Laleli Alex Webb (HH)
Foto: Laleli Alex Webb (HH) Foto: Laleli Alex Webb (HH)

Informele 'kofferhandel' in Istanbul lijdt onder val van roebel

'We eten alleen nog maar rauwkost', grapt winkelier Fahri Uzun terwijl hij een wortel naar binnen werkt. 'Vroeger was dit een bruisend theehuis waar de kebabs niet aan te slepen waren.' Nu eet alleen de eigenaar van het theehuis met Uzun mee. Het kelderen van de Russische roebel, die vanaf vorige zomer dan de helft van zijn waarde verloor, heeft de Istanboelse wijk Laleli hard getroffen.

Laleli ligt op het historische schiereiland van Istanboel, iets ten westen van toeristische trekpleisters als de Aya Sofia en de Blauwe Moskee. De wijk groeide na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie uit tot een centrum van zogenoemde 'kofferhandel': kleinschalige grijze export naar voormalige Sovjetlanden. In het zwak gereguleerde openluchtwinkelcentrum handelen de winkeliers via informele contacten. Bij gebrek aan regels draait de handel om vertrouwen, vriendschap en vaak ook seksuele contacten met de vrouwelijke zakenpartners uit de voormalige Sovjet-Unie. Zij kopen middelgrote partijen — voornamelijk confectie, lederwaren en schoenen — op in dollars, om ze vervolgens in hun thuisland weer te verkopen.

Oogje toe

De handel vindt voor het grootste gedeelde buiten de boeken om plaats, om belasting- en douaneverplichtingen te ontwijken. Rusland, dat vóór de roebelcrisis voor ongeveer de helft van de handel in Laleli zorgde, knijpt een oogje toe vanwege het gebrek aan consumptiegoederen waar jaren na de ineenstorting van de socialistische economie nog altijd sprake van is. Turkije, op zijn beurt, prijst zich gelukkig met de buitenlandse valuta die de kofferhandelaars binnenbrengen.

Naar schatting is het Russische aandeel in de handel in Laleli vanwege de roebelcrisis bijna gehalveerd. Dat betekende een zware klap voor de wijk als geheel. Waar een jaar geleden de steekwagens met zakken vol handelswaar af en aan reden in de steile straten van Laleli, staan ze nu leeg tegen de stoeprand.

Tijgerprint

'Ik werk hier al tien jaar en we zijn natuurlijk altijd heel erg afhankelijk geweest van de conjunctuur, maar dit heb ik nog nooit meegemaakt', vertelt Fahri Uzun in zijn winkel waar de sexy jurkjes met tijgerprint worden afgewisseld met jassen met bontkragen. Zijn Russische assistente Natalia slurpt op de stoep buiten verveeld uit haar kopje thee, terwijl Uzun om half drie de eerste klanten van de middag in vloeiend Russisch te woord staat.

Net als veel van zijn collega’s is hij in de jaren 90 uit het zuidoosten van Turkije naar Istanboel gekomen. Toen het Turkse leger een bloedige oorlog met de Koerdische verzetsbeweging PKK uitvocht, ontvluchtten veel Koerden de regio. Zo ook Uzun. Hij trok naar Istanboel waar hij bij een neef aan de slag kon in een naaiatelier. Niet veel later openden ze samen een kledingzaak.

Schemergebied

Migranten vormen het kloppend hart van Laleli. Veel winkeliers hebben een Balkan-achtergrond: zij spreken van huis uit Russisch en andere Slavische talen. De Koerden uit het zuidoosten van Turkije hebben een ander streepje voor. Doordat ze ervaring hebben met smokkel op kleine schaal naar grenslanden als Iran, Irak en Syrië, weten ze goed hoe ze moeten opereren in een juridisch schemergebied als de kofferhandel.

Dat laatste geldt ook voor de 'tsjelnoki', zoals hun handelspartners in het Russisch heten. Tijdens de transitie naar een markteconomie dolven vrouwen het onderspit op de Russische arbeidsmarkt, waardoor ze hun heil zochten in kleinschalige, informele handel met het buitenland. Al in de jaren 70 en 80 handelden veel Russische vrouwen in de ‘tweede economie’, die parallel aan de staatseconomie in schaarse consumptiegoederen voorzag. De daarbij verworven netwerkvaardigheden kwamen de tsjelnoki daarna in Laleli goed van pas.

Nieuwe markten

De roebelcrisis is weliswaar de voornaamste, maar niet de enige reden van de crisis in Laleli. Ook de sancties van de EU en de VS naar aanleiding van de situatie in Oekraïne hebben een negatieve uitwerking en houden de tsjelnoki thuis.

Giyasettin Eyyüpkoca, voorzitter van de vereniging van zakenlieden van Laleli, probeert het tij te keren. Hij gaat actief op zoek naar nieuwe markten, bijvoorbeeld in Afrika ten zuiden van de Sahara, Zuidoost-Azië en het Midden-Oosten. 'We nodigen handelsdelegaties uit en organiseren festivals om nieuwe interesse te genereren', aldus Eyyüpkoca. Hoewel sommige van zijn initiatieven langzaam nieuwe klandizie opleveren, slagen ze er vooralsnog niet in het gat dat de Russen achterlaten te dichten.

Adem Bicakli, die ondergoed verkoopt in een klein winkeltje in het centrum van Laleli, heeft een bescheiden groep Afrikaanse klanten. Met twee dames uit Zimbabwe onderhandelt hij over de prijs van een partij namaak-Calvin Klein boxershorts. De dames doen nu voor de derde keer in korte tijd zaken met Bicakli, naar wederzijdse tevredenheid. Ze ontdekten de markt via kennissen in Angola. Niettemin hoopt Bicakli dat de Russen terugkeren. 'Ik verwelkom iedereen die zaken wil doen, maar de Russen zijn de beste klanten. Ze werken hard en zijn te vertrouwen. Niemand kan hen vervangen', aldus Bicakli.

Getagged onder :

Laat een reactie achter

Zorg ervoor dat u de verplichte (*) velden invult waar dit is aangegeven. HTML code is niet toegestaan.