Keer op keer ligt het leven onder vuur in Tunceli
Het logement van de rechtbank in Ovacik werd in juni getroffen door een bomaanslag / foto: Tan Tunali

Keer op keer ligt het leven onder vuur in Tunceli

TUNCELI - Aan het begin van toegangsweg van de Munzurvallei controleren zwaargewapende politieagenten de kofferbak van iedere auto die de vallei in en uit wil. Alleen voetgangers die geen verdenking op zich werpen, zoals jongeren in hun zwembroek of met vishengel, mogen doorlopen. Zij recreëren tussen de uitgebrande auto’s en verbrande stukken bos, stille getuigen van gruwelijkheden van gisteren en vandaag.

Zwartgeblakerde voertuigen en bomen steken er schril af tegen het overweldigende natuurschoon. De endemische plantensoorten die de vallei in de lente in vuur en vlam zetten zijn uitgedroogd, maar de sporadische bezoekers, op weg naar hun werk of op familiebezoek, genieten nog altijd van de zuurstofrijke lucht en het snelstromende bronwater.

Ruim een jaar geleden laaide het geweld tussen de Turkse staat en de de Koerdische afscheidingsbeweging PKK in het zuidoosten van het land, na enkele jaren van relatieve rust, in alle hevigheid op. In de nasleep van de verkiezingen van 7 juni vorig jaar, waarbij de regerende AK-partij zijn meerderheid in het parlement verloor door het succes van de pro-Koerdische HDP, ontspon zich een geweldsspiraal die tot de dag van vandaag voortduurt. Zo ook in de provincie Tunceli en de Munzurvallei, waar PKK-strijders zich verschansen en aanvallen op Turkse staatsdoelen uitvoeren. Vrijwel dagelijks vinden over en weer schermutselingen plaats, waarbij vorige week nog twee PKK-strijders om het leven kwamen.

Aan het einde van de vallei, in het plaatsje Ovacik, kreeg Dünya Toprak op 13 juni van dit jaar de schrik van haar leven. In de vroege middag ontplofte een autobom voor het logement van de rechtbank, pal tegenover haar appartement en confectiewinkel. Het logement ligt twee en een halve maand later nog steeds in puin maar Toprak’s huis heeft sinds vorige week een nieuwe gevel. Ruim twee maanden verbleef de 45-jarige met haar gezin in een huis van een familielid tot ze vorige week in haar eigen huis terugkeerde.

‘Vlak nadat ik getrouwd was in 1994 werd mijn dorp verbrand en raakte ik alles kwijt. Nu ben ik mijn winkel en huisraad verloren en moet ik weer opnieuw beginnen,’ zegt Toprak terwijl ze een stuk kip uit de door een stadsgenoot beschikbaar gestelde koelkast haalt. Ze zag haar oude koelkast door de kracht van de explosie door het raam naar buiten vliegen, maar het aanrecht, waaraan ze zich kon vastklampen bleef staan en redde daarmee haar leven. Haar jongere zusje en moeder zijn uit de aangrenzende provincie Elazig op bezoek gekomen voor de broodnodige mentale steun en om te helpen met het opnieuw inrichten van het huis. Toprak moet zo voor de tweede keer in ruim twee decennia haar leven opnieuw opbouwen.

Ibrahim Yalvac, eigenaar van een buurtsuper tegenover het gemeentehuis van Ovacik en lid van het bestuur van het cemevi, het alevitisch gebedshuis, kent een vergelijkbare geschiedenis. Ook zijn dorp werd in de jaren ’90 verbrand, waarna hij in Ovacik zijn leven van voor af aan begon. Veel bewoners vertrokken naar het buitenland of naar omliggende provincies, maar Yalvac en zijn familie bleven hun geboortegrond trouw.

Vlak voor de ingang van Ovacik legde de politie deze zomer een wegafsluiting aan die het verkeer over een hobbelig grindpad van en naar de stad leidt. Yalvac en andere buurtbewoners protesteerden tegen de omleiding waarna de wegomlegging kort werd opgeheven, maar vervolgens toch weer werd ingevoerd. ‘Hiermee wil de regering alleen maar laten zien dat ze alles kunnen doen wat ze willen. Het is niets minder dan een regelrechte intimidatie,’ stelt Yalvac die zegt dat hij zich niet laat intimideren. ‘Na wat wij in de jaren ’90 hebben meegemaakt schrikken wij echt niet van zo’n omleiding,’ grijnst hij.

De noodtoestand die kort na de mislukte couppoging van 15 juli werd afgekondigd, maakt dan ook weinig verschil voor de bewoners van de provincie, zo vertelt Nusret Bas, actief lid van de ambtenarenvakbondskoepel KESK in Tunceli: ‘Wij leven hier onder een de facto noodtoestand zo lang we ons heugen. Alleen tijdens het vredesproces konden we even ademhalen,’ refereert ze aan het proces tussen de staat en de PKK dat tussen 2013 en 2015 leidde tot een staakt-het-vuren. ‘Sinds vorige zomer zijn we terug bij af,’ treurt Bas.

Geschiedenis Tunceli/Dersim

In 1938 vermoordde het Turkse leger in Tunceli meer dan tienduizend mensen in een Turkificatiecampagne tegen lokale alevitische stammen. Hun liberale geloofsopvatting strookt niet met de op Turks nationalisme en soennisme gestoelde staatsideologie. Lokale bewoners van de van oudsher multi-etnische regio kennen hun provincie bij de naam Dersim. In 1994 verbrandde het leger er tientallen dorpen in de strijd tegen PKK, waarmee het sinds 1984 een oorlog uitvecht die al aan meer dan 40.000 mensen het leven kostte.

Getagged onder :

Laat een reactie achter

Zorg ervoor dat u de verplichte (*) velden invult waar dit is aangegeven. HTML code is niet toegestaan.